Joost Vrolijk

Boer: Joost Vrolijk Locatie: Oosthuizen Ras: Groninger Blaarkop

DE BOER

Boer Joost werkt op biologische boerderij De Klaverhoeve samen met zijn ouders. Al sinds 1992 is het bedrijf biologisch en er zijn tot 2007 op biologische wijze oudhollandse Groninger Blaarkop koeien gemolken. Sindsdien worden de dieren gehouden voor hun vlees en leveren een belangrijke bijdrage aan het natuurbeheer en aan de weidevogelstand.

Uiteindelijk is boer Joost naast zoogkoeien ook biologische ossen gaan houden. Deze ossen komen van biologische melkveebedrijven die alleen de vrouwelijke dieren aanhouden voor productie van melk. Normaliter gaan de mannelijke kalveren van deze bedrijven samen met andere niet-biologische stieren naar een gangbare mesterij. Hier worden ze dan als niet-biologische kalfjes geslacht. Dit is jammer, want dit zijn vaak mooie kalfjes van dubbeldoel rassen.

Boer Joost vindt dat dieren rustig moeten kunnen groeien van het kruidenrijke gras op de boerderij en met hun graasgedrag en mest een bijdrage kunnen leveren aan natuur en biodiversiteit. Nu krijgen deze dieren 2,5 jaar lang een functie in de kringloop; van poepen en grazen in de wei voor het weidevogelbeheer, tot het maken van strorijke stalmest, tot uiteindelijk het smakelijke vlees voor consumenten.

Nu werkt boer Joost samen met een paar andere biologische boeren in de buurt waar Blaarkop stierkalfjes geboren worden. De stierkalfjes komen naar De Klaverhoeve en groeien hier op. Op het juiste moment maakt boer Joost ossen van deze stierkalfjes door ze te castreren. Dit kan boer Joost zelf doen omdat hij naast zijn boerderijwerk ook werkt als dierenarts.


DE BOERDERIJ

De Klaverhoeve heeft een unieke heuvelstal die gebouwd is door Joost’s vader. Deze is speciaal gebouwd zodat de ossen en koeien hun horens kunnen houden. Er is altijd een bepaalde rangorde onder de dieren, waardoor ze met elkaar gaan vechten als er niet genoeg ruimte is. Doordat er in de heuvelstal genoeg ruimte voor de dieren is gaan ze niet met elkaar vechten en hoeven ze dus niet onthoornd te worden.

In de stal wordt er naast stro ook bermmaaisel gebruikt van gemaaide dijken wat als strooisel voor de koeien gebruikt kan worden. Uiteindelijk levert dit nutriëntrijke stromest op (ook wel bekend als ruige mest), wat ook veel voordelen heeft voor de weidevogels. Normaalgesproken wordt berm maaisel weggegooid of vernietigd, en op deze manier krijgt het toch nog een functie. Verder worden er geen kunstmest en geen bestrijdingsmiddelen gebruikt op de boerderij.

Ook heeft familie Vrolijk een zorgboerderij om twee dagen per week dementie cliënten of mensen met een beperking een dagbesteding te bieden.


HET RAS

De Groninger Blaarkop is een rustig dubbeldoel ras, wat ook goed te combineren is met de zorgboerderij. Dit was belangrijk voor familie Vrolijk, waardoor er voor dit ras is gekozen. Ook zijn de ossen rustig van karakter, waardoor een wandelpad tussen de dieren mogelijk is.


HET VOER

De dieren worden gevoerd met kruidenrijk gras van eigen land. Het land wordt gemaaid en hiervan wordt voer gemaakt voor de winter. Het krachtvoer dat gebruikt wordt is grasbrok van eigen gras. Voor het voer is de boerderij dus volledig zelfvoorzienend. Hiermee kan boer Joost CO2 neutraal vlees produceren. Alle CO2 die gebruikt wordt is eerst vastgelegd uit de lucht in de grond en grassen op de weilanden.


WEIDEVOGELBEHEER

Vanaf april tot december lopen de dieren in het bewerkelijke natuurland van 65 hectare, en de rest van het jaar staan ze op stal. Buiten dragen ze bij aan het natuurbeheer door speciale begrazing van kruidenrijk graslanden en beheer van plas-dras percelen (dit is land dat tijdelijk onder water staat). In de nacht rusten de weidevogels op deze percelen zodat ze niet opgegeten kunnen worden door vossen of wilde katten. De mest van de koeien zorgt ervoor dat er insecten komen en daardoor ook vogels zoals grutto’s en tureluurs. Door dit bijzondere beheer trekt de boerderij weidevogels naar zich toe en wordt ervoor gezorgd dat de vogels kunnen gaan broeden.

Jonge vogels vinden het soms nog lastig om te overleven door te weinig voedsel en roofvogels. De koeien helpen daarbij door pleksgewijs gras weg te eten en ruimte te maken voor insecten, die de jonge vogels vervolgens kunnen eten. Op deze manier kan boer Joost met zijn koeien veel jonge weidevogels uit laten vliegen. Op dit moment zijn er ongeveer 160 nesten per jaar, en dat aantal neemt ieder jaar toe. Volgens boer Joost is het aantrekken van weidevogels geen kunst, maar het behouden en overleven van deze vogels wel. Om de vogels te behouden creëert hij daarom etappes van hoog en lang gras. Op deze manier krijgen roofdieren weinig kans om de weidevogels op te eten.